Alright, where to start…
Ik ben de laatste weken een beetje uit het blogfenomeentje gerold dus ik kan niet garanderen dat deze blogpost het lezen waard wordt, maar ik heb wél een heleboel dingen te vertellen dus ik doe m’n best!
Om dinsdagavond het gevaarlijke telefoontje te ontlopen besloten Charlotte en ik een cinemake te doen en ter plaatse een willekeurige film uit te kiezen. Ik ben niet van plan de volledige film te gaan beoordelen en om heel eerlijk te zijn weet ik nog steeds niet wat ik ervan moet vinden, maar The Happening zal vast binnen een paar maanden wel weer vergeten filmmateriaal zijn. ‘t Is weer zoiets typisch Amerikaans (en compleet in de stijl van Signs): het fenomeen — mensen die ineens gedesoriënteerd raken en allemaal zelfmoord plegen — begint in Central Park, breidt zich uit over de gehele oostkust van het Noord-Amerikaanse vasteland en op het einde van de film komt er één of andere presentator verklaren dat we onze planeet beter moeten behandelen omdat de planten anders boos worden en nog meer gemene gassen gaan uitstoten om de mens uit te roeien. Jup!
Ik weet dus niet echt of ik die film nu kan waarderen of niet, want er zaten wel enkele mooie momenten in, maar ik heb me dood geërgerd aan de plot.
Woensdag werd ik ziek. Ik heb een groot deel van de dag in bed besteed, geconstateerd dat mijn lichaamstemperatuur fijn rond de 35° Celsius fladderde en naar het laatste deel van Titanic gekeken — iedereen heeft recht op Titanic wanneer hij/zij daar behoefte aan heeft.
Eergisteren (donderdag dus) vond ik dat het welletjes geweest was en gaf ik mijn kapper het privilege meer dan de helft van mijn — toen — vijftig centimeter lange haar te knippen. Het gebeurde allemaal op een redelijk drastische manier: de kappersassistente hield het uiteinde van mijn haar vast en de kapper zette er de schaar in. En de kappersassistente vroeg nog of ik het boeltje wilde bewaren, maar daar had ik geen zin in. Ik heb altijd al eens de vraag willen horen “of ik het boeltje wil bewaren”. Heerlijk.
Nog geen tien minuten na mijn kappersbezoek werd ik op weg naar het centrum (ik was op kleedjesjacht) aangevallen door een langsfietsende vriendin die als een gek rechtsomkeer maakte, helemaal in shock was en mij wilde embrasseren in verband met mijn nieuwe kapsel. (Zij behoort tot de selecte groep mensen die me tot deze daad overtuigd hebben.)
Het werd echt tijd, hóóg tijd, dat er wat aan mijn kapsel veranderd werd en sinds ik ontdekt heb dat ik nu weer van die cutie staartjes kan maken heb ik er nog geen seconde spijt van gehad. Cutie staartjes zijn leuk! Ik zal binnenkort wel eens wat foto’s Flickr’en.
’s Avonds had ik proclamatie en hoewel ik al sinds dinsdagavond wist dat ik geslaagd ben (net zoals de rest van mijn klas, how cool is that?!) was het op de één of andere dubieuze manier toch spannend. In de zaal zaten 1400 familieleden en kennissen van laatstejaars, datzelfde vriendinnetje dat me eerder die dag had aangevallen heeft een prachtig liedje gezongen en gespeeld waar iedereen doodstil van werd en een groot aantal mensen kippenvel van kregen (echt zo mooi!) en na talloze speeches mochten we eindelijk tekenen voor ontvangst van ons diploma.
Toen ik thuis kwam bleek onze buurt al een hele tijd zonder elektriciteit te zitten en omdat we bijgevolg toch niets beters te doen hadden en ik bang was van de gaslamp die papa voor de gelegenheid van onder het stof gehaald had, besloten papa en ik van ramptoeristje te spelen en de plaats van de misdaad — het huis op de hoek van de straat met een ingebouwde elektriciteitscabine (die de man van Gazelwest eerst niet kon vinden) — op te zoeken en een kijkje te nemen.
Net zoals… behoorlijk veel anderen.
“Weet er iemand de uitslag van de voetbal?” “Nee?” “Potverdikke!”
“Kon je niet een beetje elektriciteit overlaten voor ons?”
“Het gebeurt eigenlijk niet veel he?” “Nee, alleen toen er eens een kat in die cabine zat.” “Oei, die was geroosterd zeker?”
Anyway, een instant straatfeestje met als hoofdact de mannen van Gazelwest. Ambiance! Je moest erbij zijn.
Ook vrijdag was naar eigen mening en met momenten een redelijk hippe dag. ’s Avonds was er een themafeestje van een vriendin die een tijdje geleden verjaarde en zo kwam het dat we met z’n drieën die zin hadden in frietjes ineens middenin de stad stonden, gehuld in outfits die voor een maffiafeest bedoeld waren en struikelend over onze eigen voeten. Onbetaalbaar. Onderweg ook de weg uitgelegd aan een hoopje hopeloze Engelsen die eigenlijk een paar kilometer verderop moesten zijn. Priceless.
Morgenavond vindt ons klasfeestje plaats en omdat daarvoor natuurlijk boodschappen gedaan moeten worden bevonden we (het trio van de vorige avond, om het zo te zeggen) ons vandaag in de late namiddag met een overvolle winkelkar aan de kassa’s van de Colruyt. Meer over het feestje komt een volgende keer want ik heb zo’n vermoeden dat er een paar geniepigerds meelezen en dat er vervolgens een paar illusies doorprikt zouden kunnen worden. Morgen! (Of overmorgen!)
Ondertussen ben ik dus al bijna een week van mijn examens verlost en mijn bureau ligt nog steeds vol met cursussen, boeken die ik terug moet brengen naar de bieb, rekenmachines, pijnstillers en nog véél meer troep die allang weg moest zijn. Morgenvoormiddag dus toch beter een beetje opruimen hier, kwestie niet de rest van de vakantie tussen de schoolboeken door te moeten brengen.
Mijn vakantie wordt geloof ik wel leuk! Eerst een maandje werken en geld verdienen, naar Pukkelpop met een aantal van de leukste mensen ever en tussendoor héél veel schilderen, foto’s maken, decoreren, nog meer foto’s maken, redesignen,… Kortom: alles alles alles wat ik leuk vind en wat mij gelukkig maakt! Kan het nog beter?